MCP-begrippenlijst: alle termen uitgelegd

Wie zich verdiept in het Model Context Protocol komt al snel een reeks Engelse vaktermen tegen: van Streamable HTTP tot tool poisoning. Deze begrippenlijst legt 32 kernbegrippen uit in één alinea per term — alfabetisch geordend, zodat je snel kunt opzoeken wat je nodig hebt. Elke definitie staat op zichzelf en is dus ook los te citeren in een offerte, beleidsdocument of interne presentatie. Nieuw met MCP? Begin dan bij Wat is MCP? en Hoe werkt MCP?, en gebruik deze lijst als naslagwerk ernaast.

A2A (Agent2Agent Protocol)

A2A is een open protocol voor communicatie tussen AI-agents onderling, gemaakt door Google (april 2025) en in juni 2025 gedoneerd aan de Linux Foundation. A2A concurreert niet met MCP maar vult het aan: MCP regelt het verkeer tussen agent en tools of data, A2A het verkeer tussen agents onderling. Volgens de Linux Foundation ondersteunen inmiddels meer dan 150 organisaties A2A.

Agentic AI

Agentic AI is de verzamelnaam voor AI-systemen die zelfstandig meerstaps taken uitvoeren: ze plannen, roepen tools aan, verwerken de resultaten en bepalen vervolgstappen — in plaats van alleen tekst te genereren. MCP is voor agentic AI de standaardlaag geworden waarmee agents veilig toegang krijgen tot systemen, databronnen en applicaties, zonder dat elke koppeling apart gebouwd hoeft te worden.

Agentic AI Foundation (AAIF)

De Agentic AI Foundation is een fonds onder de Linux Foundation dat sinds 9 december 2025 het eigendom en bestuur van MCP draagt. De AAIF is opgericht door Anthropic, Block en OpenAI, met steun van onder meer Google, Microsoft en AWS, en startte met drie projecten: MCP, goose en AGENTS.md. Door deze donatie is MCP vendor-neutrale infrastructuur — geen protocol van één leverancier.

Deprecation policy

De deprecation policy is het formele afbouwbeleid van MCP, ingevoerd met specversie 2026-07-28. Functies doorlopen drie fasen — Active, Deprecated, Removed — met minimaal twaalf maanden tussen deprecation en verwijdering. Dat geeft organisaties een gegarandeerd migratievenster. De eerste features die dit traject ingaan zijn sampling, roots en logging, elk met een gedocumenteerd alternatief.

Elicitation

Elicitation is het MCP-mechanisme waarmee een server tijdens een lopende operatie extra input aan de gebruiker vraagt, bijvoorbeeld via een schema-gebaseerd formulier. Het is geïntroduceerd in specversie 2025-06-18 en uitgebreid in 2025-11-25 met standaardwaarden, rijkere keuzelijsten en URL-mode: de server kan de gebruiker naar een externe pagina sturen, zoals een betaal- of loginflow.

FastMCP

FastMCP is het populairste Python-framework voor het bouwen van MCP servers: type hints en docstrings worden automatisch omgezet in toolschema's, waardoor een werkende server ongeveer tien regels code kost. Let op het onderscheid: FastMCP 1.0 is in 2024 opgenomen in de officiële Python-SDK, terwijl het zelfstandige pakket fastmcp (versie 3.x) doorontwikkelt met auth-providers en OpenAPI-generatie. Zie zelf een MCP server bouwen.

Human-in-the-loop

Human-in-the-loop is het ontwerpprincipe dat een mens kritieke AI-acties expliciet goedkeurt voordat ze worden uitgevoerd. Binnen MCP is dit ingebouwd op hostniveau: tool-aanroepen gebeuren volgens de officiële documentatie met toestemming van de gebruiker, en de host handhaaft het beveiligings- en consentbeleid. Voor bedrijven is dit de belangrijkste rem op ongewenste autonome acties van agents.

JSON-RPC

JSON-RPC is het berichtenformaat waarop MCP is gebouwd: alle communicatie tussen client en server bestaat uit JSON-RPC 2.0-berichten in UTF-8. JSON-RPC definieert hoe verzoeken, antwoorden en notificaties eruitzien; MCP voegt daar de inhoud aan toe, zoals tools/list en tools/call. Doordat het formaat transport-onafhankelijk is, werkt hetzelfde bericht via stdio én via Streamable HTTP.

llms.txt

llms.txt is een webconventie waarbij een website op een vaste locatie een compact markdown-bestand publiceert dat taalmodellen een samenvatting en leeswijzer van de site geeft. Het staat los van het MCP-protocol zelf, maar duikt vaak in dezelfde discussies op: beide maken content en functionaliteit beter bruikbaar voor AI-systemen — llms.txt passief (leesbare context), MCP actief (uitvoerbare tools).

MCP (Model Context Protocol)

MCP is een open, op JSON-RPC gebaseerd protocol dat standaardiseert hoe AI-applicaties verbinding maken met externe tools, databronnen en diensten — vaak samengevat als "de USB-C-poort voor AI". Het lost het N×M-integratieprobleem op: één MCP server werkt met elke MCP-compatibele client. Anthropic lanceerde MCP op 25 november 2024; sinds december 2025 valt het onder de Agentic AI Foundation. Lees meer op Wat is MCP?

MCP client

Een MCP client is de protocolconnector bínnen een host-applicatie die de verbinding met precies één MCP server onderhoudt — de spec schrijft een strikte 1-op-1-relatie voor. De client regelt capability negotiation, routeert berichten en bewaakt de beveiligingsgrens tussen servers. Gebruik je vijf servers in Claude Desktop, dan draaien er dus vijf clients, elk geïsoleerd van de andere.

MCP host

De MCP host is de AI-applicatie zelf, zoals Claude Desktop, VS Code of ChatGPT. De host creëert en beheert de clients, handhaaft beveiligingsbeleid en gebruikerstoestemming, en coördineert de integratie met het taalmodel. Cruciaal voor privacy: de volledige conversatiegeschiedenis blijft bij de host — servers krijgen alleen de context die voor hun taak nodig is en zien nooit het hele gesprek.

MCP Inspector

De MCP Inspector is de officiële visuele test- en debugtool voor MCP servers, direct te starten met npx @modelcontextprotocol/inspector. In de webinterface kun je tools aanroepen met willekeurige argumenten, resources en prompts bekijken en de ruwe JSON-RPC-berichten volgen. Het is volgens de officiële documentatie de standaard eerste debugstap vóór je een server aan een echte client koppelt.

MCP server

Een MCP server is een programma — lokaal of remote — dat via het protocol specifieke capaciteiten aanbiedt aan AI-applicaties: tools, resources en prompts. Servers werken onafhankelijk, ontvangen alleen de noodzakelijke context en kunnen niet in andere servers of de volledige conversatie kijken. De spec is bewust zo ontworpen dat servers extreem eenvoudig te bouwen zijn. Bekijk voorbeelden per sector in ons serveroverzicht.

Namespace

Een namespace is de geverifieerde naamruimte waaronder een MCP server in de officiële registry gepubliceerd wordt, in reverse-DNS-notatie: io.github.gebruikersnaam/server (via GitHub-login) of com.bedrijf/server (via DNS- of HTTP-verificatie). Alleen de geverifieerde eigenaar kan onder een namespace publiceren. Dat maakt de afzender controleerbaar — al zegt een geldige namespace niets over de kwaliteit of veiligheid van de server zelf.

OAuth 2.1

OAuth 2.1 is de autorisatiestandaard die MCP voorschrijft voor remote servers. De MCP server treedt op als OAuth resource server en publiceert via Protected Resource Metadata (RFC 9728) welke authorization servers hij vertrouwt. Clients moeten Resource Indicators (RFC 8707) gebruiken, zodat een access token aan één specifieke server gebonden is en niet door een kwaadwillende server hergebruikt kan worden.

PKCE

PKCE (Proof Key for Code Exchange) is een OAuth-beveiligingsuitbreiding die voorkomt dat een onderschepte authorization code door een aanvaller kan worden ingewisseld voor een token. In de MCP-autorisatiespecificatie is de Authorization Code flow mét PKCE de verplichte flow voor clients die verbinding maken met remote MCP servers — er is geen toegestane variant zonder.

Prompt (MCP-primitief)

Een prompt is binnen MCP een voorgedefinieerd prompttemplate of workflow die de gebruiker expliciet aanroept — in clients als Claude Code en Gemini CLI zichtbaar als slash command. Anders dan tools (die het model aanstuurt) en resources (die de applicatie beheert) ligt de controle bij de gebruiker. Servers gebruiken prompts om beproefde werkwijzen kant-en-klaar aan te bieden.

Prompt injection

Prompt injection is een aanval waarbij kwaadaardige instructies worden verstopt in data die het taalmodel verwerkt — bijvoorbeeld in een webpagina, e-mail of tool-resultaat. Het model kan die instructies opvolgen alsof ze van de gebruiker komen. Binnen MCP zijn tool-resultaten een belangrijk injectiekanaal; de officiële Security Best Practices en menselijke goedkeuring van acties zijn de voornaamste verdediging. Meer hierover op onze veiligheidspagina.

Registry (MCP Registry)

De officiële MCP Registry (registry.modelcontextprotocol.io) is de open catalogus met metadata van publiek beschikbare MCP servers, gelanceerd in preview op 8 september 2025. De registry host geen code maar server.json-metadata die verwijst naar pakketten op npm, PyPI of Docker Hub. Volgens de officiële registry-API stonden er in mei 2026 zo'n 9.650 servers in. Zie ook betrouwbare bronnen.

Remote vs. lokale server

Een lokale MCP server draait als subprocess op de machine van de gebruiker en communiceert via stdio; een remote server draait ergens anders (cloud, datacenter) en is bereikbaar via Streamable HTTP met OAuth-autorisatie. De vuistregel uit de praktijk: stdio voor lokaal en persoonlijk gebruik, Streamable HTTP zodra iets gedeeld, gehost of door meerdere gebruikers benaderd moet worden.

Resource

Een resource is een van de drie serverprimitieve van MCP: read-only, via een URI adresseerbare context of data — denk aan bestanden, databaserecords of documenten. De host-applicatie (niet het model) bepaalt welke resources aan de modelcontext worden toegevoegd, en clients kunnen zich abonneren op wijzigingsnotificaties. Resources leveren dus informatie aan zonder dat er iets wordt uitgevoerd.

Rug-pull

Een rug-pull is een aanval waarbij een MCP server zich eerst betrouwbaar gedraagt en pas ná installatie of goedkeuring zijn tool-definities of gedrag wijzigt — bijvoorbeeld via een update die kwaadaardige instructies toevoegt. Omdat de gebruiker de server al vertrouwt, valt de wijziging niet op. Vaste versies vastpinnen en wijzigingen in tooldefinities monitoren zijn de gangbare tegenmaatregelen; zie veiligheid.

Sampling

Sampling is het client-primitief waarmee een MCP server het taalmodel van de client een completion kan laten genereren, zonder zelf een API-sleutel te hoeven bevatten. Let op: sampling wordt met specversie 2026-07-28 formeel deprecated, met een migratievenster van minimaal twaalf maanden. De aanbevolen vervanging is dat servers rechtstreeks een LLM-provider-API aanroepen. Bouw er dus geen nieuwe servers meer omheen.

Scopes

Scopes zijn de OAuth-rechten die bepalen wat een client namens de gebruiker bij een MCP server mag doen, bijvoorbeeld alleen lezen of ook schrijven. Sinds specversie 2025-11-25 ondersteunt MCP incremental scope consent via de WWW-Authenticate-header: een client begint met minimale rechten en vraagt pas om extra scopes op het moment dat een operatie die echt nodig heeft.

Spec-versie

MCP-specversies zijn datums, geen versienummers: 2024-11-05 (lancering), 2025-03-26 (Streamable HTTP, OAuth), 2025-06-18 (structured output, elicitation), 2025-11-25 (huidig stabiel) en 2026-07-28 (release candidate, definitief eind juli 2026). Client en server onderhandelen bij aanvang welke versie ze spreken. Voor bedrijven relevant: de 2026-07-28-revisie bevat breaking changes, waaronder een stateless protocolkern.

SSE (Server-Sent Events)

SSE is een webtechnologie waarmee een server berichten naar de client streamt over een openstaande HTTP-verbinding. Bron van veel verwarring: het oude aparte HTTP+SSE-transport van MCP is sinds specversie 2025-03-26 deprecated, maar SSE als techniek is niet weg — Streamable HTTP gebruikt het intern als optioneel streamingmechanisme. "SSE is deprecated" slaat dus op het transport, niet op server-sent events zelf.

stdio

stdio is het standaardtransport voor lokale MCP servers: de client start de server als subprocess en wisselt JSON-RPC-berichten uit via stdin en stdout. De spec adviseert clients om stdio waar mogelijk te ondersteunen. Bekendste valkuil volgens de officiële documentatie: log nooit naar stdout — dat kanaal is exclusief voor protocolberichten en één verdwaalde print() breekt de server geruisloos.

Streamable HTTP

Streamable HTTP is hét transport voor remote MCP servers, geïntroduceerd in specversie 2025-03-26 als vervanger van het oude HTTP+SSE-transport. Eén endpoint (meestal /mcp) ontvangt alle JSON-RPC-berichten via POST; de server antwoordt met een enkel JSON-antwoord of opent een stream voor meerdere berichten. Sinds 2025-11-25 zijn permanente verbindingen niet meer nodig: servers mogen de verbinding verbreken en clients hervatten die.

Tool

Een tool is een uitvoerbare functie die een MCP server aanbiedt en die het taalmodel zelf kan besluiten aan te roepen — met goedkeuring van de gebruiker. Denk aan "maak een GitHub-issue" of "bevraag de database". Elke tool heeft een JSON Schema voor in- en output; sinds specversie 2025-06-18 kunnen tools ook gestructureerde output teruggeven die tegen een schema wordt gevalideerd.

Tool poisoning

Tool poisoning is een aanval waarbij kwaadaardige instructies worden verstopt in de beschrijving of metadata van een MCP-tool. Omdat het taalmodel tooldescriptions leest om te bepalen welke tool het aanroept, kan het verborgen opdrachten uitvoeren zonder dat de gebruiker iets ziet. Tooldefinities reviewen vóór installatie en servers alleen uit vertrouwde bronnen halen zijn de basismaatregelen — zie veiligheid en betrouwbare bronnen.

Transport

Een transport is de kanaallaag waarover MCP-berichten reizen. De spec definieert er twee: stdio voor lokale servers en Streamable HTTP voor remote servers; alle berichten zijn UTF-8 JSON-RPC. Het protocol is transport-agnostisch: eigen transports zijn toegestaan zolang de JSON-RPC-framing en lifecycle intact blijven. De keuze van transport bepaalt in de praktijk ook je beveiligingsmodel — lokaal procesisolatie, remote OAuth.


Waar vind je meer verdieping?

Deze begrippenlijst geeft compacte definities; de achterliggende concepten werken we elders op de site verder uit. Voor de architectuur en het samenspel van host, client en server lees je Hoe werkt MCP?. Wil je zelf aan de slag, dan loodst de bouwgids je van eerste regel code tot publicatie in de registry. En voor de risicokant — prompt injection, tool poisoning, rug-pulls en de maatregelen daartegen — is er de veiligheidspagina en het overzicht van MCP en wetgeving.

Veelgestelde vragen

Waar staat MCP voor?
MCP staat voor Model Context Protocol: een open standaard die regelt hoe AI-applicaties verbinding maken met externe tools en databronnen. Het protocol is in november 2024 gelanceerd door Anthropic en valt sinds december 2025 onder de Agentic AI Foundation (Linux Foundation).
Wat is het verschil tussen een MCP server, een MCP client en een MCP host?
De host is de AI-applicatie zelf (zoals Claude Desktop of VS Code), de client is de protocolconnector binnen die host met een 1-op-1-relatie met één server, en de server is het programma dat tools, resources en prompts aanbiedt.
Is SSE deprecated in MCP?
Het oude aparte HTTP+SSE-transport is sinds specversie 2025-03-26 deprecated en vervangen door Streamable HTTP. SSE als technologie bestaat nog wél: Streamable HTTP gebruikt server-sent events intern als optioneel streamingmechanisme.
Wat is tool poisoning bij MCP?
Tool poisoning is een aanval waarbij kwaadaardige instructies worden verstopt in de beschrijving van een MCP-tool. Het taalmodel leest die beschrijving en kan de verborgen instructies uitvoeren zonder dat de gebruiker het merkt. Zie onze veiligheidspagina voor maatregelen.

Laatst bijgewerkt: